Artikel Marie-Paule De Poorter, Natuur en Landschap Meetjesland jaargang 7 nr. 1 (2000), blz. 3-4
De coöperatieve vennootschap NRC - Nutriënt Recyclage Centrum heeft onlangs 2 milieuvergunningsaanvragen ingediend bij de Bestendige Deputatie van de Provincieraad om een mestverwerkingsinstallatie op te starten voor varkensmengmest. NRC wedt daarbij op 2 paarden, want zij diende een aanvraag in voor een exploitatie in de Kruiskenstraat in Eeklo én voor een explotatie in de Eerstestraat in Sint-Laureins. Het is duidelijk niet de bedoeling dat op beide locaties aan mestverwerking zou worden gedaan.
Het voorgestelde procédé dat zal worden aangewend om de mest te verwerken, ziet er als volgt uit. De mest wordt met vrachtwagens aangevoerd en overgepompt in een afgedekt verzamelbassin. Vervolgens wordt de mest naar een pers geleid, waar hij, na toevoeging van zwavelzuur, gescheiden wordt in een dunne en een dikke fractie. De dikke fractie wordt door toevoeging van kalk verder ontwaterd en gestabiliseerd en in afwachting van export naar het buitenland opgeslagen in een grote opslaghal. De dunne fractie wordt voor stabilisatie naar een beluchtingsbekken geleid. Vervolgens gaat de dunne fractie naar een groot opslagbassin. De bedoeling is dat deze dunne fractie aangewend wordt als kaliumrijke meststof in de lokale landbouw.
NLM vzw is van mening dat de problematiek van de mestoverschotten op 2 sporen moet worden aangepakt. Enerzijds kan het probleem maar tot aanvaardbare proporties herleid worden indien op een doordachte wijze een inkrimping van de veestapel doorgevoerd. Anderzijds heeft de bio-industrie, net als elke andere industriële sector, het recht haar afvalstoffen te verwerken. Deze verwerking dient dan zo geconcipieerd te zijn dat het leefmilieu er globaal genomen beter van wordt.
Zowel in Sint-Laureins als in Eeklo vond in de loop van de maand januari een informatievergadering plaats, die druk werden bijgewoond. De bezorgdheid van de omwonenden is dan ook (terecht) groot. In het kader van het openbaar onderzoek die de behandeling van het dossier door de Provinciale Milieuvergunningencommissie en de uiteindelijke beslissing van de Bestendige Deputatie vooraf gaat, werd door NLM vzw. een bezwaar ingediend in verband met de installatie te Eeklo, terwijl de vzw Landschappen van Sint-Laureins hetzelfde deed voor het dossier in Sint-Laureins.
1. Geurhinder
Het risico op overmatige geurhinder is zeer reëel. In het dossier wordt er vanuit gegaan dat de mest die zal worden aangevoerd 'vers' zal zijn. De vorming van geurhinderlijke verbindingen grijpt echter reeds plaats in de mestkelders van de stallen op de landbouwbedrijven zelf. Ondanks het feit dat door de aanwezigheid van een mestverwerkingsinstallatie de opslagperiode van mest in de landbouwbedrijven mogelijks korter zal worden, zullen onvermijdelijk reeds aanzienlijke concentraties geurhinderlijke verbindingen gevormd zijn vóór de mest bij de mestverwerkingsinstallatie terechtkomt.
De reeds gevormde geurhinderlijke verbindingen zullen zich na de scheiding gedeeltelijk in de dunne fractie bevinden. NLM vreest dat bij het beluchten van deze dunne fractie deze verbindingen alsnog de lucht worden ingeblazen. In dat verband werd overigens een zeer verwarrende communicatie gevoerd aangezien volgens het dossier van de installatie te Eeklo geen afdekking voorzien worden van de beluchtingstank terwijl dit wel het geval zou zijn in Sint-Laureins. In het dossier gaat de meeste aandacht naar het ammoniakprobleem. Het is echter gekend dat geurhinder van varkensmengmest veroorzaakt wordt door een hele reeks van verbindingen, o.a.: zwavelverbindingen, alcoholen, vetzuren, fenolen en indolen. Het is weinig waarschijnlijk dat een natte zure wasser, zoals voorzien in het dossier om de lucht afkomstig van de pers te zuiveren, in staat zal zijn deze componenten tot aanvaardbare concentraties te herleiden. Bovendien kan ook aan de efficiëntie van de luchtzuivering voor de component ammoniak getwijfeld worden aangezien geen puntafzuiging wordt voorzien ter hoogte van de pers. Op die manier zullen grote volumes lucht behandeld moeten worden.
2. Afzet van de eindproducten
In het dossier wordt geen indicatie gegeven omtrent de kwaliteit van de bekomen eindproducten. Een mestverwerking kan zinvol zijn indien de eindproducten inderdaad in de landbouw hergebruikt kunnen worden. Daarbij zijn niet alleen de nutriënten in de afvalstromen van belang maar ook de eventuele aanwezige verontreinigingsparameters zoals zware metalen en micro-verontreinigingen. Het past in een duurzaam en geïntegreerd beleid dat met deze aspecten bij het toekennen van een milieuvergunning eveneens rekening wordt gehouden.
3. Inplanting
Alhoewel in het dossier vermeld wordt dat er zich in de onmiddellijke omgeving geen 'hindergevoelige objecten' bevinden, tellen wij binnen een straal van 1 km toch een groot aantal woningen.Los van de reële kans op overmatige geurhinder, komt de woonkwaliteit in het gedrang door het veelvuldig transport dat een dergelijk installatie met zich meebrengt. In het dossier wordt dit transport geminimaliseerd. Er is sprake van 10 vrachtwagens per dag om de mest aan te voeren en de dikke fractie af te voeren. Het transport van de dunne fractie zal vooral door landbouwtrekkers gebeuren. Een rekensommetje leert dat het afvoeren van 35.000 ton dunne fractie door landbouwtrekkers met een capaciteit van 10 ton 3.500 transporten op jaarbasis inhoudt. Deze transporten brengen aanzienlijke geluidshinder met zich mee. Bovendien is het duidelijk dat specifiek voor de installatie te Eeklo de huidige wegenis aan een dergelijke trafiek van aan- en afvoer niet is aangepast. Tenslotte wordt de weg gebruikt door tal van schoolgaande kinderen, die door deze aanzienlijke toename van het transport veel grotere risico's zullen lopen. In het dossier wordt de expressweg als gemakkelijke aanvoerweg naar voor geschoven, maar hoe zal het transport verlopen als de N49 omgevormd is tot autostrade? Voor Sint-Laureins is dan weer het landschappelijk aspect van groot belang. De visuele verontreiniging van een dergelijke installatie is immers aanzienlijk. Een 'groenscherm' (langs slechts 2 van de 4 zijden van het terrein) lijkt ons slechts een pleister op een houten been.
4. Maatregelen inzake hygiëne
NLM vreest dat het veelvuldig transport van vrachtwagens met mest afkomstig van tientallen bedrijven de verspreiding van ziektekiemen, zoals de varkenspest, in de hand zal werken. Waarom werden bijvoorbeeld geen ontsmettingsbaden voorzien?
Het is voor NLM duidelijk dat de vergunningsaanvragen te weinig onderbouwd werden en dat de uitgekozen locaties niet de meest ideale zijn. NLM meent dat het behoud van de huidige woonkwaliteit en veiligheid van de omwonenden en het hergebruik van de eindproducten niet voldoende gegarandeerd kunnen worden. Dit dossier zal verder van nabij gevolgd worden!!!